dinsdag 5 november 2013

Thor: The Dark World


De man met de hamer is terug. Na problemen met de Tesseract in de eerste film krijgen we nu te horen dat er een immense oerkracht genaamd Aether aanleiding is om voor een donkere elf uit zijn vierduizendjarenslaap te geraken, aangezien eenmaal in die tijd de planeten zo in lijn staan, dat je er in combinatie met de Aether voor kan zorgen dat eeuwige duisternis terug zal keren. Er zijn mensen voor minder het gevang in gegaan. Kortom, het wordt weer een strijd tussen goed en kwaad en Loki die zich in dat heerlijke grijze gebied daartussen beweegt.


Het verhaal van ‘lik mijn vestje’ staat echter niet in de weg om gewoon lekker te genieten van dit superhelden verhaal dat zich weer afspeelt in verschillende werelden, waarbij ook weer de nodige humor om de hoek komt kijken, die de juiste toon heeft en een mooie balans vormt met de stoere mannen strijd die wordt gestreden. De cultuurclash als Thor op aarde rondloopt kent ook nu weer enkele leuke vondsten, zoals wanneer hij in een auto, of in de metro stapt, of als hij zijn hamer aan de kapstok hangt. Daarnaast zijn er komische noten van ‘gekke professor’ Erik Selvig, liefje Jane Foster en haar stagiaire Darcy Lewis en ook Loki weet hem af en toe goed te raken. Maar ik had het ook over de stoere mannen strijd. Waar in Man Of Steel Superman en Zod elkaar, maar vooral ook het publiek murw beuken met eindeloze destructie, wordt dit in Thor beter geproportioneerd. Er kleven echter ook nadelen aan de strijd. Er worden namelijk twee trucjes toegepast. Allereerst is daar de mogelijkheid dat mensen (door projectie) er niet echt zijn, of anders uitzien dan in werkelijkheid. Daarnaast is er de vondst van een machine die een soort ‘loopholes’ tussen werelden kan maken. Beide trucs worden veelvuldig ingezet en maken wel erg veel mogelijk en dus ook veel aanneembaar. Een wat gemakkelijke optie in een verder vooral leuke actiefilm.

zaterdag 2 november 2013

Chelsea Wolfe & Russian Circles - Tivoli de Helling Utrecht, 1 november 2013


Chelsea Wolfe ontdekte ik een jaar geleden ongeveer. Ἀποκάλυψις (Apokalypsis) was vers uit en de hoes van dat album deed me besluiten naar haar muziek te luisteren. Zo zie je maar wat een albumhoes voor gevolgen kan hebben, want ik werd na enkele draaibeurten steeds meer door haar stem en muziek betoverd. Drone-doom-goth-folk met experimentele kantjes, een link met Black Metal en die mistige, maar zuivere stem die zo hypnotiserend werkt. Apokalypsis zit nog vol met invloeden van Sonic Youth tot PJ Harvey en kenmerkt zich door memorabele songs als Mer en Moses. Haar derde album dat net uit is heet Pain Is Beauty en laat een wat coherenter geluid horen, waarin haar eigen stem nog duidelijker doorklinkt. Een kaartje kopen voor haar concert hoefde ik dus niet over na te denken, ook al zou ik alleen gaan en was het in Utrecht. Wat het geheel nog aantrekkelijker maakte is dat ik er achter kwam dat het een double bill zou worden met een andere groep die ik zeker niet onaardig vind: Russian Circles. Deze 3-koppige band speelt uitsluitend instrumentale muziek die in songs van gemiddeld een minuut of zeven uit kan waaieren van loeizware metal tot delicate passages en omgekeerd. Ook zij hebben net een nieuw album (het vijfde alweer) uit genaamd Memorial waarop ze de vocale stilte een keertje laten varen door niemand minder dan Chelsea Wolfe in te zetten op het titelnummer.


Op naar Utrecht. Als ik de zaal in kom hoor ik dat de stemming er al flink in zit met muziek van Arvo Pärt die geroezemoes overstemt en de toon zet voor Chelsea Wolfe, die als hogepriesteres in zwart gekleed met een enorm witte sluier daarover heen het podium op zweeft. De eventuele bedenkingen die ik had betreffende haar stem (effecten en galm die er op zitten) worden meteen de kop ingedrukt, want ja, natuurlijk staat er galm op haar stem, maar die stem zelf is loepzuiver en net zo bezwerend als op het album. Met een bescheiden lichtshow die voornamelijk bestaat uit zwart, wit en rood speelt de band veelal in het halfschaduw, van waaruit een dozijn nummers onze kant op komen. De eerste track van haar nieuwe album laat direct horen wat ze behelst. Feral Love, met de onheilspellende klanken, stuwende ritmische klanken en de bezwerende stem komt overeen met haar kleding. Gitzwart met witte sluier. Vanuit de moerassige nevelen hoor je haar stem. Als een sirene lokt ze je naar de duistere zijde, die door haar toedoen helemaal niet duister lijkt. En zonder moment van twijfel laat je je meevoeren op de wonderlijk schone klanken van Mer, overtuigt ze je dat zij en jij de “two straight lines in a crooked world” kunnen zijn in Tracks (Tall Bodies) en dan begin je vast te lopen in het moeras dat Kings heet en waarbij je met elke stap dieper weg zinkt. Als alles verloren lijkt, is dat het ook en hoor je de klanken van je eigen begrafenis in Moses, waarin de band je kist op de schouders neemt en langzaam, stap voor stap richting je graf draagt. De loodzware tonen van Pale On Pale klinken als je kist stukje bij beetje het gitzwarte gat in richting vochtige aarde gaat. De krijsende schreeuw. Van jou, of van geliefden die je achter laat?


Aan de andere zijde wacht ze je op. Ontdaan van witte sluier. De dood. Zoetgevooisd als nooit tevoren. Lone.

De laatste klank blijft doorklinken als iedereen van het podium is. Een drone, die het gevoel bewaart, stemmen weer overstemt en ons meevoert naar het volgende optreden. Ik ben gaan zitten waar ik stond, op de verhoging aan de zijkant. Er komen steeds meer mensen bij. Ze staan om me heen. Een woud van benen waardoor de spotlichten af en toe hun weg vinden. Ik zie iemand staan, alleen. Hij komt me bekend voor. Na een paar seconden weet ik het: het Imagine film festival. Toen nam ik zoals altijd na een laatste voorstelling de pont en toen zag ik hem ook. Hij viel me op, waarom weet ik niet. Nu zie ik hem weer, toevallig, of niet. Kennelijk hebben we meer gemeen dan de interesse voor bepaalde films.



Russian Circles pakt het nog wat rigoureuzer aan qua presentatie. Het gaat hier niet om de personen, maar om de muziek. Dus zijn er drie simpele heldere gloeilampen, waarvan alleen die bij de bassist aanblijft tussen de nummers door. Voor zover ze überhaupt stoppen met het produceren van geluid, want dat blijft veelal aanwezig door de samples en loops die doorklinken en hun geluid tijdens de nummers voller maken. Ik heb al hun albums, maar ken die niet goed genoeg om de titels er bij te verzinnen. Daar gaat het ook niet om. Dit postrock/metal trio is een geoliede machine van steengoede muzikanten die binnen het tijdsbestek van één nummer een scala aan emoties laten horen. Doordat ik ze nu zie spelen hoor ik de gelaagdheid op de een of andere manier beter die veel van hun nummers herbergt.  Meest in het oog springend is daarbij de drummer, die ongelooflijke ritmes uiterst behendig en subtiel weet te produceren, terwijl de bassist en gitarist de hoofden laten bangen op retezware staccato ritmes. 


Maar evenzogoed kunnen de rollen omgedraaid zijn en switched bassist Brian Cook net zo makkelijk binnen dat ene nummer van bas naar gitaar, of andere bas, om de sfeer van het moment te bekrachtigen. Er zijn niet veel bands die op instrumentale wijze mijn aandacht lang vast weten te houden. And So I Watch You From Afar is er eentje, maar Russian Circles hoort daar toch ook bij. De set is overwegend heftig, maar vind een rustmoment tijdens Schiphol.


De combinatie met Chelsea Wolfe krijgt gestalte in de toegift, als ze in het bijna donker de band een stem geeft in Memorial, waarna nog één nummer wordt gespeeld. Met Youngblood laat Russian Circles nog één keer alle hoofden op en neer gaan, waarna diezelfde hoofden huiswaarts gaan, gevuld met een voldaan gevoel, mag ik aannemen. Of zou dat toch in het hart zitten…

dinsdag 29 oktober 2013

Tomie Unlimited


Een weekendje weg naar Leiden. Heerlijk neuzen in de DVD-bakken bij verschillende winkels. En dan heb je zo’n bak van drie voor een tientje en zie je titels liggen van films die je hebt gezien en voor die prijs wel mee wil nemen; nog niet hebt gezien, van naam wel kent en voor die prijs wel mee wil nemen; niet hebt gezien, niet kent maar een kans wil geven omdat het daardoor ‘drie voor een tientje’ wordt en dus voor die prijs (gratis) wel mee wil nemen. In die laatst categorie (aangespoord door mijn dochter) zat Tomie Unlimited. Of Tomi-é, zoals de Japanners het uitspreken. Japanse meisjes in schooluniform met lange zwarte haren. Nooit een slecht uitgangspunt. Tsukiko ziet voor haar ogen haar knappe zus Tomie op The Omen-achtige wijze  doorboord worden. Vreemde is echter dat ze een jaar later weer op de stoep staat en door vader en moeder liefdevol wordt binnengehaald. Tsukiko heeft zo haar vraagtekens en wij met haar, want wat volgt is een opeenstapeling van scènes die even fantasievol als ludiek als onbegrijpelijk zijn, met special effects die doen denken aan de tijd dat Freddy Krueger nog in je dromen rondstruinde. Dat waren de jaren tachtig. Tomie: Anrimiteddo is van 2011!!!


En dan te bedenken dat regisseur Noboru Iguchi drie jaar hiervoor nog Machine Girl maakte… Een regressieve ontwikkeling?! De film is gebaseerd op de manga genaamd Tomie en er is al een hele reeks films van gemaakt die kennelijk nog slechter zijn dan deze, als ik iemands recensie over deze film mag geloven. Misschien dat de manga over het meisje dat iedereen emotioneel kan manipuleren wel degelijk iets te bieden heeft, maar de films loop ik voortaan met een grote boog omheen.

Sound Of My Voice


Onder de indruk was ik, toen ik haar in de intelligente Science Fiction film Another Earth zag. Geen vliegende schotels, ruimteschepen of vijandige buitenaardse invasie, maar een aangrijpend verhaal over twee mensen en een geheim, met het SF element dat zorgt voor een filosofisch kader. De actrice in kwestie is Brit Marling, waarover ik ondertussen al iets meer heb gelezen. Zoals het feit dat ze afgestudeerd is (Economie), een baan aangeboden kreeg bij Goldman Sachs, maar daar vanaf zag omdat ze het in de artistieke hoek wilde zoeken. Als actrice kreeg ze alleen maar suffe rollen aangeboden waardoor ze zelf is gaan schrijven om zo voor zichzelf de juiste rol te creëren. Zo werkte ze aan twee films tegelijk, Another Earth en Sound Of My Voice, die allebei hun première beleefden op het bekende Sundance festival in 2011. Voor die laatste film werkte ze nauw samen met  Zal Batmanglij, waarmee ze ook haar volgende film The East maakte.

Sound Of My Voice gaat over een sekte. Mensen die zich vrijwillig op laten sluiten, alles achter zich laten en via rituelen en reiniging iets nieuws willen opbouwen als uitverkorenen. Er worden echter meteen twee troeven op tafel gegooid die de insteek van dit verhaal bepalen. Het stel dat we volgen en zich bij de sekte voegt doet dat om er in het geheim een documentaire van te maken en de sekteleiders te ontmaskeren als charlatans. Daarnaast is daar de charismatische vrouw (Brit Marling) die haar volgelingen weet te overtuigen en zegt uit de toekomst te komen. Via een onderverdeling in hoofdstukken worden stappen gezet in de ontwikkeling van voornamelijk de man van het stel, die dit niet zonder reden doet.

Verder is er nog de introductie van twee karakters die in eerste instantie los van het centrale gegeven lijken te staan, maar bepalende factoren zullen zijn in de uitkomst van het verhaal.

Als kijker sta je natuurlijk met beide benen op de grond, maar wil je maar al te graag geloven dat het onwaarschijnlijke waar is. Dit is film, nietwaar, zou Paul Verhoeven zeggen. De mogelijkheid om te ontsnappen uit het alledaagse leven. Maar wat is er voor nodig om iemand te laten geloven in wat je zegt? Sound Of My Voice is wat dat betreft goed te vergelijken met films als Safety Not Guaranteed en The Man From Earth. Alle drie indie-films, met een ongelooflijk uitgangspunt dat valt of staat met overtuigende bewijzen, die toch ook heel verschillend zijn. In Safety Not Guaranteed zit de aanstekelijkheid in de overtuiging van de hoofdpersoon en de liefde als drijvende kracht. In The Man From Earth wordt je puur door de woorden meegenomen die je laten geloven. Sound Of My Voice kent een wat meer thriller-achtige aanpak met een ontknoping die je toch echt niet aan zag komen.


Iets minder aangrijpend dan Another Earth, maar zeker de moeite waard. Op naar The East!

Insidious: Chapter 2


Zaal 13. Toepasselijk getal voor deze film vol ongeluk. Hoofdstuk 2 valt er te lezen. Dat doet vermoeden dat er nog meer hoofdstukken komen en dat vermoeden staat aan het eind van deze film op twee benen.

Insidious was - zeker het eerste deel – een angstaanjagende ervaring die oude thema’s op slimme  wijze een inventieve injectie wist te geven, waardoor de griezelbeleving optimaal tot zijn recht kwam. Nu dan deel 2. Helaas melkt regisseur James Wan nu wel oude koeien uit, al was het maar zijn eigen koe uit deel 1. Alle vondsten worden namelijk netjes herhaald of hebben niet de impact die ze in zijn andere films wel hadden. Zo steekt het kinderspel met de blikjes erg bleekjes af bij de geweldige vondst van het klap-klap-verstoppertje spel uit The Conjuring en is het feit dat dit keer niet de vader de zoon redt maar andersom ook niet echt een verrassende zet. Toch zit er een belangrijk verschil tussen de beide films, namelijk in de structuur van het verhaal. Het lijkt alsof Wan het dit keer allemaal wat slimmer aan wilde pakken met een verhaallijn die wat ingewikkelder in elkaar zit. Er zitten een aantal subplots, aanwijzingen en lagen in die later pas op hun plek vallen en het bekende cirkeltje rond maken. Dit werkt echter tegen de film. Het is nu eerder spannend dan eng.


Wonderkind Wan was een tijdje goed op dreef op het spookhuis terrein. Maar ik denk dat hij een goede beslissing heeft genomen om even een totaal ander genre bij de hoorns te vatten (hij gaat Fast & Furious 7 regisseren), zodat hij ons hopelijk na een tijdje met nieuwe ideeën kan laten huiveren zoals het zou moeten.

zaterdag 12 oktober 2013

La Vie d'Adèle


Ik zou kunnen openen met La Vie De Marianne, het boek van Mariveaux dat Adèle aan het lezen is en haar zo raakt. Ik zou het kunnen hebben over de ontdekkingsreis die Adèle maakt, waarbij ze er achter komt dat ze meer op meisjes valt dan op jongens. Ik zou het kunnen hebben over de spraakmakende seksscènes, die al heel wat stof hebben doen opwaaien. Ik zou een parallel kunnen trekken met Jeune et Jolie van François Ozon en het verschil uitleggen tussen hoe hij Marine Vacth haar karakter heeft laten spelen en hoe Abdellatif Kechiche dat met Adèle Exarchopoulos heeft gedaan. Ik zou een andere parallel kunnen trekken met de homofobie die in de zogenaamde vriendengroep van Adèle op school aanwezig is en de ongelooflijke reactie van een Amerikaanse moraalridder die een vuil spuwt waar je koud van wordt.

Ik leg het allemaal naast me neer en kan me niet anders dan focussen op waar het om gaat in deze film: de liefde.

Ik leg het allemaal naast me neer en kan me niet anders dan focussen op om wie het gaat in deze film: Adèle.

Adèle Exarchopoulos is een ongelooflijk natuurtalent. Vanaf de eerste tot en met de laatste scène is ze onontkoombaar in beeld. Veelal in close-up, waardoor ik haar reactie op gebeurtenissen in de uitdrukking van haar prachtige gezicht terug zie. Ongelooflijk naturel, fragiel, met zo veel detail en finesse en soms met horten en stoten, met spuug, snot en tranen. De liefde laat haar stralen en brengt haar naar de afgrond. Ze laat me op een roze wolk meedrijven en vervult me met een ‘tristesse profonde’ die nog lange tijd na de film in mijn lijf blijft hangen.


Ik ben diep geraakt.

Would You Rather


De meest sadistische ‘would you rather’ vraag wordt gesteld aan Sophie Zawistowski in de film Sophie’s Choice. Welk van je twee kinderen wil je redden. Daarbij valt al het andere in het niet. Het intense drama ligt ten grondslag aan een leven vol ‘geesten’ die hun tol zullen eisen.

In Would You Rather draait het om geheel andere zaken. Het gaat om een vermogend man, die onder het mom van weldoen mensen in financieel uitzichtloze situaties naar zijn huis lokt om een spel te spelen, waarbij de winnaar verlost wordt van al diens geldzorgen. Wat er niet bij wordt verteld, is dat het om een uiterst sadistisch spel gaat, waarbij terugtrekken of opgeven geen optie is en de verliezers het niet na kunnen vertellen. Daar komen de acht genodigden te laat achter natuurlijk. Dus het spel moet gespeeld worden. “It’s all about decision making in it’s rawest form” glundert de gastheer (Jeffrey Combs). Hij en zijn zoon vallen enorm uit de toon doordat ze hun gekte weinig subtiel tentoon spreiden. Butlers zorgen er voor dat de gasten doen wat hun wordt voorgelegd en die gasten zijn op één na erg humaan, heldhaftig, opofferingsgezind en bezorgd over elkaar, iets dat je in vergelijkbare films als Among Friends en Vile toch minder ziet.

“Cut the crap” hoor ik enkele gorehounds in mijn oor fluisteren, “wat valt er te zien dan”? Nou, weinig. Zoals je kunt vermoeden moeten de gasten elkaar of zichzelf flink op de proef stellen, met stroom, een sjambok, de ijspriem en mogen ze twee minuten hun adem inhouden of hun daad bij het woord van de gastheer voegen in iets wat een scheermes en een oogbal betreft. Maar dit is geen Saw en het gore-level is redelijk laag. “Zit er dan nog een reden achter dit alles”, vraagt iemand die er enige logica in wil ontdekken. Driewerf neen, moet ik antwoorden. Het is gewoon een sadistische familie die dit jaarlijks doet als grappig verzetje. En verrast worden we ook niet, want de doorgewinterde kijker ziet zowel de uitkomst als de laatste grap wel aankomen.


“Wat moet ik hier dan mee”, hoor ik u zeggen. Niets. Links laten liggen. Of rechts. Uw schouders ophalen. Gewoon doorfietsen. Doen of uw neus bloedt. De andere kant opkijken…