maandag 14 april 2014

Worldwide Fantastic Shorts 2014 #1





Honeymoon Suite - Zao Wang (China 2012, 14’)
Er komt een speciale gast in het hotel. Alles wordt in gereedheid gebracht. De man blijkt als het donker wordt flink wild te kunnen worden. Maar dat geeft niets, als je maar betaalt dan is de klant koning. Gelukkig is het ongemak slechts een maandelijkse kwestie. Een tragische gesteldheid waar je niets aan kunt doen en maar gewoon het beste van kunt maken. Leuke visie op een eeuwenoud gegeven.


Malaria - Edson Oda (Brazilië 2013, 5’)
Als je de dood vermoord heb je als premiejager niets meer te winnen. In Western stijl getekende film, die de tekeningen op aparte wijze voor je tentoonstelt en van de stilstaande tekeningen toch een bewegend geheel maakt. Hoogst origineel.


The Landing - Josh Tanner (Australië 2013, 18’)
Vader en zoon die verschillende opvattingen hebben over wat er nu uit de lucht komt vallen. Vaders werkelijkheid en de fantasie van de zoon. Is het buitenaards of niet? Het maakt niet uit, de actie wordt genomen en er is geen weg terug. Mooie combinatie waarin een ongemakkelijke kijk wordt gegeven op iets wat zo had kunnen gebeuren, misschien.


Cochemare - Chris Lavis, Maciek Szczerbowski (Canada 2013, 12’)
Dit is een nauwelijks te beschrijven mix van live action en (verschillende soorten) animatie. Een bizar vraagteken vol seksuele lading. Ik snap er niets van, maar het werkt betoverend. Met muziek van Patrick Watson.


Baskin - Can Evrenol (Turkije 2013, 11’)
Een groep politiemensen gaat af op een noodroep van collega’s. Ze komen bij een pand waar een satanisch ritueel aan de gang lijkt te zijn. Hoe ze dat weten? Er wordt een geit met doorgesneden nek op hun auto gedumpt! Alsof ze het abattoir van de hel betreden. Spannend, macaber, extreem, goor. Bloody hell! Ik zag op de aftiteling dat Hasan Demir de catering heeft gedaan. Ben benieuwd waar die uit bestond.


Sleep Clinic - Frances Haszard, Louis Olsen, Luke Scott (Nieuw-Zeeland 2013, 7’)
Een getekende animatie over een patiënt die al 7 dagen niet heeft geslapen en een psycholoog die hem behandeld. Langzaam maar zeker ontstaat een therapie van samenzang op rijm vol psychoanalytische gekte. Stark raving mad noemen ze dat. Maar op een vrolijke manier, dat wel.


Ovo - Mihai Wilson (Canada 2013, 15’)
De laatste drie overlevenden van een ruimtemissie op een planeet die er uit ziet alsof de Apocalyps daar heeft plaatsgevonden. Gitzwart met een sprankje hoop, zo lijkt het. Of is die hoop een illusie? Een werkelijk schitterende psychedelische trip als gevolg van verkeerde paddo’s, zeg maar.


The Last Videostore - Tim Rutherford, Cody Kennedy (Canada 2013, 10’)
'Based on true events...in the near future'. Mijn hart gaat sneller kloppen als een koerier de videotheek inloopt om een pakje te bezorgen. De slecht verlichte winkel met een halve gare eigenaar die over elke film iets fantastisch kan vertellen. In het pakje zit een 'unlabeled gold vhs tape, and it' s all mine’, aldus de hebberige eigenaar. Maar de tape is het begin van het einde, ‘a monster unleashed’. De nachtmerrie voor elke vhs-verzamelaar. Heerlijk trashy, geheel in de geest van het onderwerp. Inclusief een foute hard rock eindtrack van Forester.


Mijn favorieten dit keer: Baskin, Ovo en The Last Videostore.

Willow Creek


Zoals de meeste films tijdens het Imagine Film Festival wordt ook deze kort ingeleid door Chris Oosterom, die vertelt dat als ze een ‘found footage’ opgestuurd krijgen, ze verwachten dat het weer zo’n afgezaagde film is met wiebelende camera en slechte beelden, wat al vaker en beter is gedaan. Willow Creek was een verrassing, een goede uitzondering, waarbij aan het eind de boel goed ontspoort.

Vooruit met de geit.

Nu kan ik die geit gaan bespreken. Het hebben over een stel dat op zoek gaat naar Bigfoot die in de jaren zestig is waargenomen in de Trinity Forest bij Bluff Creek door Roger Patterson en Robert Gimlin, die daar een opname van maakten. Dat daar een hele cultus omheen is gebouwd, zich een waar commercieel circus afspeelt in het nabijgelegen plaatsje Wilow Creek, alwaar alles, van het hotel via de boekwinkel tot de hamburger Bigfoot als adjectief heeft. Dat het stel interviews doet met lokale mensen, ondanks enkele waarschuwingen gaat hiken naar de plek waar het beest is gezien, angsten uitstaat in hun tentje met een take die veel te lang duurt, maar toch wat aardige schrikmomenten oplevert. Maar daar heb ik eigenlijk geen zin in. Want ik begrijp het gewoon niet. De inleidende woorden van Chris. Een verschil van smaak, zoals dat bij L’Etrange Couleur Des Larmes De Ton Corps het geval kan zijn, gaat hier toch niet op?

Op de site van het festval staat te lezen: ‘Willow Creek is simpelweg de beste found footage horrorfilm sinds The Blair Witch Project. Is het dan toeval dat de film dezelfde tactieken gebruikt?’ De vraag stellen is hem beantwoorden, maar kennelijk ziet men dit niet, dus zal ik de vraag even beantwoorden: NEE, het is geen toeval omdat dit gewoon een regelrechte onvervalste en onbeschaamde RIP OFF is, die op geen enkele wijze ook maar een greintje oorspronkelijkheid bevat. Of het moet zijn dat het hier over een sloom lopende uit de kluiten gegroeide harige Sasquatch moet zijn in plaats van een enge heks. Gimme a break!


Stemoordeel: slecht (en niet hopeloos, vanwege goed spel en twee aardige schrikmomenten)

Capsule


“Waar ben je”. Het is één van de meest gebezigde eerste vragen die worden gesteld als de één de ander belt. De wereld première van de Nederlandse film Capsule opent met één van de naarste scènes van dit festival, waarbij die drie woorden nog nooit zo wanhopig en betekenisvol hebben geklonken. U heeft mijn onverdeelde aandacht.

De wereld zal vergaan. Het heeft te maken met een zwart gat en levensvernietigende straling. We hebben niet lang meer. Er is een Capsule, een ondergrondse bunker, waar 900 Nederlanders in kunnen om de Apocalyps te doorstaan. Er vindt een test plaats om te bepalen wie hier voor uitverkoren en geschikt is. Leidraad van de test is de zogenaamde Ichigo norm, waarbij liefde een bepalende factor is. Het gaat er om dat mensen goed met elkaar overweg moeten kunnen op een klein oppervlak. Tegen deze achtergrond volgen we verschillende personen met ieder hun problemen.

Ja, ik zei achtergrond, want de verhalen uit het dagelijkse leven van die personen staan op de voorgrond. Een dagelijks leven vol problemen, waarin mensen mensen zijn. Met al hun voors en tegens. Waarbij de invloed van de dreiging van de ondergang van de wereld misschien niet zo groot is als verwacht.

Het is een interessante invalshoek die we ook al zagen bij Melancholia van Lars von Trier. Maar laat ik meteen met de deur in huis vallen, de koe bij de horens vatten en zeggen waar het op staat. Althans, dat doe ik via één van de aanwezige actrices die na afloop met collega’s, scenarioschrijver en regisseur het podium betreedt en haar zegje doet, waarbij zij het eigenlijk prima verwoord, hoewel ze het misschien positief bedoelde: de film kent eigenlijk geen golven van emoties, maar één strakke dramatische lijn. Afgezien van die indrukwekkende opening is de film inderdaad heel erg toonvast. Wat mij betreft is die toon wel goed, maar wat meer golven hadden zeker geen kwaad gekund. De alledaagsheid is herkenbaar, maar dramatische hoogte en dieptepunten hadden het meer invoelbaar kunnen maken. Met zo’n fatale afloop in het vooruitzicht verwacht je toch wat meer uitersten.

Na afloop dus een Q&A onder leiding van een van de programmeurs van het festival, Barend de Voogd. Regisseur Djie Han Thung is uitermate blij met het feit dat de film hier zijn première mag beleven en vanaf volgende week draait die zelfs in enkele bioscopen. En dat voor een afstudeerfilm van faaam (film actors academy and masterclasses)! Anders dan bij een reguliere film stond hier de cast al voor vast en is het deels op de acteurs geschreven. Het maken vanuit deze beperking en die van het gebrek aan geld (budget was € 20.000,-) maakt dat je tot de kern komt, waar het om gaat in het leven. Scenarioschrijver Gerson Oratmangoen geeft daarbij aan geïnspireerd te zijn door Terence Malick. Op de vraag aan Thung of hij al meer verbeelding in de bioscopen ziet sinds hij daarvoor aandacht vroeg namens de Fantasten met zijn manifest voor de verbeelding in 1999 moet het antwoord helaas negatief zijn. Er is nog maar weinig veranderd. Dat Thung bezig blijft met daar in ieder geval zelf wel verandering in te brengen blijkt uit zijn ambitie om in de nabije toekomst een romantische vampierfilm te maken. Het moet zich afspelen rond 1900 en hij zal daarbij gebruik gaan maken van green screen.


Stemoordeel: zozo

The Babadook


Amelia en haar zoontje Samuel van zes wonen samen in een grauw en grijs huis. Zij kampt nog altijd met de verwerking van de dood van haar man. Ze moet het al tijden alleen rooien. Haar zoontje is een fantasievol knaapje dat gek is van goochelen en allerlei wapens van hout maakt om een denkbeeldig monster te verslaan. Hard werken, nooit een moment voor jezelf, een zorgenkind dat je af en toe achter het behang wil plakken en weinig hulp van anderen omdat ze vinden dat je het leven weer op moet pakken. Het vergt te veel van Amelia die al tijden niet goed heeft geslapen en langzaam afstevent op een zenuwinzinking. Als Samuel een angstaanjagend pop-up boek vindt over een verschijning die The Babadook heet, wordt ook moeder getuige van de manifestatie van het monster dat niet veel goeds met hen voor heeft.

De film kent een mooie, rustige opbouw, waarin goed duidelijk wordt hoe alle pijn, verdriet, zorgen, wanhoop, angst en gebrek aan liefde je teveel kunnen worden. Het trauma van het verlies van haar man komt tot leven in de vorm van een ouderwetse boeman die de moeder zelfs tegen haar zoontje opzet. Als dit eenmaal gebeurt, wordt de film echt knap griezelig, maar tegelijkertijd ook hartverscheurend en grappig. Die laatste twee komen dan voornamelijk door het extreem moedige jongetje, dat zijn moeder ten koste van alles tegen die boeman wil beschermen. Het is een rare mix van emoties, maar het werkt wonderwel.

Als een film zo leunt op de optredens van twee acteurs, dan moeten die ook van hoge kwaliteit zijn. Zowel moeder (Essie Davis) als zeker ook zoon (Noah Wiseman) spelen op zeer overtuigende wijze hun spel en maken je deel van de nachtmerrie die zo’n ingrijpende gebeurtenis op je leven kan hebben.


Stemoordeel: goed

zondag 13 april 2014

L'Etrange Couleur Des Larmes De Ton Corps


Chris Oosterom, artistiek directeur van het Imagine Film Festival, leidt de film in. Natuurlijk zijn alle films van dit festival mooi, maar als er eentje in de buurt komt van zijn favoriet, dan is het deze wel. Cinema zoals cinema is bedoeld. Een aanslag op de zintuigen.

Leer, mes, bloot, bloed. De basisgegevens van een giallo zijn aanwezig. Dan Kristensen komt thuis van een zakenreis maar treft zijn vrouw niet aan, hoewel de deur van binnen was afgesloten. Hij gaat op zoek in het huis en komt op het spoor van een moordenaar die in de verborgen holtes van het huis werkzaam is.

Het werkelijk prachtige oude Art Nouveau huis, vol organische vormen, glas in lood ramen en muurschilderingen is een fantastisch personage op zich. Daarbinnen voltrekken zich dromen, visioenen, gebeurtenissen waar geen soep van te maken valt. Nu kun je zeggen, dat hoeft ook niet. Je moet genieten van die aanslag op de zintuigen waar Chris het over had. Dat is in het begin het geval. Prachtige shots, doordringende muziek, abrupte overgangen, extreem close-up, split screen. U vraagt, wij leveren. Maar de eindeloze herhaling van wat al gauw niet meer dan toegepaste kunstmatige trucjes zijn maakt het tot een arty farty beeldbombardement dat al snel zeer vermoeiend wordt. Er volgen dus al snel meer 'stadia van bewustzijn' ten aanzien van deze film. De vermoeiing zet zich om in slaap waar ik niet tegen wil vechten. Ik dommel. De ogen zijn al dicht, de slaap sluipt als een moordenaar dichterbij, het hoofd valt en ik schrik wakker. Het zal nu toch niet lang meer duren, vermoed ik, waarna de film (voor mijn gevoel) nog zeker een uur lang verder gaat met zijn psychoanalytische bullshit. Het laatste stadium zet in en ik begin me vreselijk te irriteren.

Ik had het een beetje kunnen weten. De vorige film van het duo Hélène Cattet en Bruno Forzani genaamd Amer werd vier jaar geleden op het festival getoond en was toen ook al niet mijn ding. “Zo veel mooie beelden die zo weinig te weeg brengen. Sensuality has never been this dull!”, schreef ik toen en gaf de film het stemoordeel ‘slecht’. De filmers zijn deze keer nog extremer geworden en weten daardoor meer en extremere emoties op te wekken, die in mijn geval niet de juiste zijn. Mijn oordeel is dus nog harder dan de vorige keer.


Stemoordeel: hopeloos

Enemy


Samen met drie vrienden was ik ooit op fietsvakantie in Engeland. We zochten tijdens de lange tocht mijn vriendin op die in Cornwall op vakantie was. Toen we met de groep in een dorp zaten ging ik met een vriend even iets kopen. Toen ik terug kwam hoorde ik dat de rest, waaronder mijn vriendin, een jongen had zien lopen die als twee druppels water op mij leek. Ik herinner mij het verhaal dat iemand vertelde dat van iedereen op de wereld ergens een evenbeeld rondloopt. Wat had ik gedaan als ik die persoon had gezien?

“Chaos is order, yet undeciphered”.

Wat doet Adam, als hij door pure toeval zichzelf ziet als acteur in een film? Adam is leraar aan een universiteit. Hij vertelt over het feit dat de geschiedenis zich blijft herhalen volgens vaste patronen. Een blik op zijn eigen dagelijkse leven laat daar ook geen misverstand over bestaan. Het is een constante herhaling van zetten, waarvan de schuchtere man niet bepaald vrolijk wordt. College geven, thuis komen, vriendin wat zielloos neuken, slapen. Zijn dubbelganger in die film brengt hem buiten zijn patroon. Hij gaat op zoek naar wie de man is. Het leidt tot een ontmoeting met onherroepelijke gevolgen voor Adam, zijn vriendin, de dubbelganger en diens vrouw.

Dit verhaaltje dat ik nu neerpen geeft niet weer hoe ongelooflijk mysterieus, ongemakkelijk, beangstigend, subtiel en raadselachtig de film is. De film is een spinnenweb, bestaande uit draden,  die allen verbonden zijn en waarbij het effect op de een, gevolgen heeft voor de ander. Het speelt zich af in een grauwe wereld, waar alle kleur uit is gezogen. De ontwikkeling van het verhaal gaat traag, maar is enorm boeiend. Je hunkert naar informatie, maar die wordt schaars gegeven. Vragen en antwoorden vliegen razendsnel door je hoofd, om grip te krijgen. En hoewel je verstand er soms niet bij kan voel je toch precies wat er wordt bedoeld. Het gevoel dat het helemaal niet in orde is en toch ook weer wel. Dat het moet gaan zoals het behoort te zijn, ook al ben je de vlieg in het web.

Zet je schrap voor een mindfuck met een bizar eng eindbeeld.

Regisseur Denis Villeneuve speelde zich voor het eerst in mijn kijker met het prachtige Incendies. Hij heeft daarna aan twee films gewerkt die allebei Jake Gyllenhaal in de hoofdrol hebben. Prisoners en nu dus Enemy met een dubbelrol voor Gyllenhaal. Villeneuve laat zien dat hij heel veel in zijn mars heeft. Zijn films lijken steeds persoonlijker en intiemer te worden, waarbij hij deze film “a documentary about my subconscious” noemt. Het is een film die geen antwoorden behoeft, omdat deze genoeg zegt. Maar toch blijft het door je hoofd spoken en wil je meer weten. Ga je op zoek, zoals Adam dat doet. Je hebt iets gezien en bent er door geïntrigeerd geraakt. Wat je vindt tijdens je zoektocht kan echter het enigma van de film enigszins aantasten, dus wees voorzichtig.  


Stemoordeel: zeer goed

Ps. In de film haalt Adam een citaat aan van Hegel, ‘great things happen twice’. Een bizar toeval doet zich voor als ik klaar ben met het schrijven van deze recensie en ik met mijn gezin ga ontbijten. Mijn dochter zit tegenover me. Ze heeft een wit shirt aan met een zwarte tekst er op. Ik lees wat er staat. ‘Great things happen twice’.  

Deadly Virtues: Love. Honour. Obey.


“When a pupil is ready to learn, a teacher will appear”.  Deze openingsquote legt meteen een lading op wat komen gaat, geeft een vette clou over wat de les moet zijn.

Een man stopt bij een huis, checkt het briefje in zijn hand en loopt met de sleutel naar de voordeur, begeeft zich naar binnen, hoort geluiden van een vrijpartij, ruikt wat aan de mooie pumps die aan de trap staan, waarna hij zijn eigen schoenen er bij zet en verder het huis inspecteert. Dan onderbreekt hij de vrijpartij op brute wijze. Het is vrijdag.

Door middel van Kinbaku knoopt de indringer de man en vrouw des huizes vast, waarbij de man het lijdend voorwerp wordt en vingers gaat missen, als zijn vrouw niet doet wat de indringer verlangt: “I want you to want me” (om Cheap Trick maar eens te quoten). “The only chance of survival comes from compliance”, voegt hij er aan toe. Natuurlijk gaat dit niet van een leien dakje en volgen er nog wat martelingen en vernederingen, voor zowel de man als de vrouw. Ze hebben tot en met zondag.

In dit perverse spel is er dus een leraar en een leerling. Na verloop van tijd kom je iets meer te weten over het stel dat wordt belaagd en snap je dat het om een proces van verandering, bewustwording gaat en de actie die daaruit moet volgen. Helaas is de weg naar het einde niet half zo interessant als je verwachting van de clou. Het begint heel sterk, sadistisch, ranzig en pervers. Met een mooie metafoor van de bondage, waarbij het zo is dat hoe meer je tegen de knopen vecht, hoe strakker ze komen te zitten. Helaas dient het verder nergens voor, dan om de man en vrouw (op mooie wijze) vast te binden. Als de kaarten van dit spel geschud zijn, kakt de boel eigenlijk in en wordt het redelijk voorspelbaar wat er gaat gebeuren. Mensen om me heen beginnen te gapen. Dan gaat het stap verder en wordt het banaal, vergezocht en ongeloofwaardig. Op het laatst lijkt het wel een soort zwarte komedie, alleen valt er niets te lachen. De clou blijkt dan ook nog minder spannend dan je verwachting er van.

Na afloop is regisseur Ate de Jong aanwezig voor een korte Q&A. Er zit één bekende naam in de film met een cameo rol, Sadie Frost. Dat is puur om commerciële redenen. Een bekende naam trekt publiek. Wat wel een grappig detail is, is dat zij met haar toenmalige man (Jude Law) in de bijna gelijknamige film Love, Honour And Obey heeft gespeeld. Die titel was de reden dat Ate’s film net even anders moest heten. Op de vraag hoe Ate tot het maken van deze film is gekomen vertelt hij dat hij behoorlijk teleurgesteld was na het uitkomen van zijn voorlaatste film Het Bombardement vanwege de slechte kritieken en de tegenvallende kaartverkoop. Hij ging naar zijn zoons die in Londen wonen om eens lekker te klagen. Hij kreeg toen het script onder zijn neus van deze film en is er meteen mee aan de slag gegaan om zijn gedachten te verzetten. Het script is overigens van de autistische Mark Rogers. Vanwege zijn aandoening ging alle interactie via de mail. Ate heeft de man slechts één keer gezien, waarbij voornamelijk zijn moeder het woord had. Het script had een zeer goede structuur alleen de empathie met mensen was afwezig, vanwege dat autisme. Op aangeven van Ate heeft Mark dit er wel ingeschreven.

De film is gemaakt met een zeer klein budget (iets van € 100.000,- i.t.t. de 4 miljoen die Ate voor Het Bombardement had). Het is een poging om weer de internationale markt op te kunnen gaan. Het buitenland biedt meer mogelijkheden. Als het aan Ate ligt is dit de eerste van een reeks. Het is een soort samentrekking van de zeven hemelse deugden en de zeven dodelijke zonden, waarvan je een leuke serie kan maken. Hij zal in de toekomst ook weer werken met de productiemaatschappij Raindance, die jong talent koppelt aan ervaren krachten.


Stemoordeel: slecht