dinsdag 30 december 2014

Predestination


“We were born to do this job”. Het werk is dat van ‘Temporal Agent’, een speciale agent die in de tijd reist om misdaad te voorkomen voordat die gepleegd gaat worden. Looper meets Minority Report of zoiets. De agent gaat terug naar de jaren zeventig, alwaar in New York de zoveelste aanslag van de zogenaamde ‘Fizzle Bomber’ plaats zal vinden. In een bar raakt hij aan de praat met een man die hem zijn levensverhaal vertelt. Een lang verhaal, bijna een monoloog, waarbij je als kijker denkt, waar gaat dit naar toe, waarom hoor ik dit allemaal, wat voor nut heeft dit… Het verhaal op zich is intrigerend en aangrijpend, maar blijkt ook een groter nut te dienen in deze film, die tijdreis voor tijdreis iets meer prijsgeeft van hoe de vork in de steel zit. Veel meer dan dit wil ik niet verklappen, behalve dat je geduld moet hebben, de nadruk op het verhaal ligt en niet de actie, maar dat je een gigantische mindfuck staat te wachten die je nog lang na deze film bezig zal houden.


Kennelijk werd deze Australische film niet goed genoeg bevonden voor een bioscooprelease en is hij deze maand direct op DVD/Blu-ray verschenen. De belangrijkste rollen worden gespeeld door Ethan Hawke en Sarah Snook (Jessabelle). Misschien had er iets meer gezeten in de manier waarop het verhaal wordt gepresenteerd, maar voor mensen die altijd al een antwoord wilden hebben op het vraagstuk van de kip en het ei is dit een fantastische visie die niet onopgemerkt mag blijven. 

A'dam - E.V.A


(2e seizoen, 8 afleveringen, 50 min, IMDb 8,1)

Wat zalig dat deze serie weer verder gaat. Dat die super lieve, zachtaardige Adam (Teun Luijkx) en de heerlijk eigenwijze en chaotische Eva (Eva van de Wijdeven) weer samen gaan wonen. Dat er een kindje in hun leven komt. Dat Harm-Jan (Rick Paul van Mulligen) veel scènes steelt zonder de show naar zich toe te trekken. Dat die mooie eindtune steeds hetzelfde en toch anders is. Dat er elke aflevering individuele verhalen voorbij komen die onderling weer gelinkt zijn. Dat de alledaagse zaken van de stad toch zo apart kunnen zijn, waardoor alles zo herkenbaar en dichtbij voelt, maar ook nieuw en verrassend. En dat allemaal in die stad die in volle glorie, met al zijn facetten en verschillende inwoners in beeld komt. Vanuit alle hoeken en gaten, daken en stegen, kanalen en de hemel, volkstuin en woonboot, kantoren en straten, buurtplein en crèche... Amsterdam!


Net als de stad is de serie een werk in uitvoering dat van mij eindeloos door mag blijven gaan. Seizoen 3 staat voor 2016 gepland.

[REC] 4: Apocalipsis


Ben je eigenlijk wel benieuwd wat er na [REC] gebeurde? Nou, de makers van de succesvolle serie films dachten ook dat dit wel een goed uitgangspunt zou zijn voor hun vierde in de reeks over bloeddorstige zombies die via een snel overdraagbaar virus niet na kunnen laten wat wij zo graag willen zien: happen in andere mensen. Dus keren we even terug naar dat gebouw in een explosieve scène waar Ángela achter bleef en nu toch gered gaat worden door een brandweerman, waarna beiden (met nog een bekende) terecht komen op een groot schip alwaar ze in quarantaine worden gehouden. Natuurlijk is er een geheimzinnig laboratorium aan boord, is er stroomuitval en zijn mensen nieuwsgierig, waardoor het niet lang duurt voordat een nieuwe uitbraak van het virus zorgt voor een pandemonium aan boord van het schip. Poorten worden gesloten, deuren gebarricadeerd, wapens worden ter hand genomen en het feest kan beginnen.


Hoewel alles aanwezig is voor een leuke fuif, wil het maar niet gaan knallen. Het flinterdunne verhaal werkt tegen de film en is ook niet eens origineel. De actie komt met korte stoten en lijkt in het niets op de niet aflatende en steeds opbouwende gekte uit het origineel. Zelf met het schip als locatie wordt nauwelijks iets gedaan. Een gevoel van isolement en benauwdheid ontbreekt, om over een gevoel van angst nog maar te zwijgen. Over het geheel genomen krijg je zelfs het idee dat de ‘zombies’ slechts bijzaak zijn. Dat zou nog niet zo’n probleem zijn als de personages iets te bieden hadden, maar ook daarin faalt de film. [REC] eindigt met een grote troef die hier op enge en claustrofobische wijze een hoofdrol had kunnen vervullen. Dat is helaas niet het geval. [REC] 4: Apocalipsis is veruit de slechtste in het rijtje van vier en gaat kopje onder tussen alle andere doorsnee zombiefilms.

The Fall


(2e seizoen, 6 afleveringen, 60 min, IMDb 8,2)

Na het uiterst spannende 1e seizoen pikken we de draad van het onderzoek naar de ‘Belfast Strangler’ op. Detective Superintendent Alice Monroe (Gillian Anderson) was zo dichtbij en toch zo ver weg. Ze heeft de moordenaar aan de lijn gehad, maar voor hem was dat onderdeel van het spel dat hij aan het spelen is. In dit tweede seizoen gaat het om de losse eindjes die Paul Spector (Jamie Dornan) heeft liggen en die hij aan elkaar probeert te knopen om Monroe te ontlopen. Het wordt dus nóg persoonlijker, waarbij hij een dubbelrol aanneemt van zowel vriend als vijand. Hoewel hij alles tot in de puntjes controleert wordt het spel dat hij speelt steeds gevaarlijker. Voor Monroe is de kleinste aanwijzing van groot belang en hoewel ze onder vuur ligt vanwege haar affaires met (getrouwde) collega’s laat ze zich niet van de wijs brengen.

Dit is geen pief paf poef serie, maar op uiterst realistische wijze wordt hier politiespeurwerk verricht en worden alle decorum ten aanzien van bijvoorbeeld een plaats delict in acht genomen. Monroe heeft de leiding in het onderzoek, maar probeert ook afstand te bewaren om emotionele betrokkenheid te voorkomen. Het is zeer subtiel gedaan hoe zij reageert op iets wat de moordenaar heeft en zij ontbeert: iemand die onvoorwaardelijk van haar houdt. Spector weet ondertussen op griezelige wijze meer over haar te weten te komen en het kan niet anders komen dan tot een confrontatie tussen beiden in de anderhalf uur durende laatste aflevering, waarin de fascinatie voor elkaar duidelijk wordt en de ‘dans’ tot een hoogtepunt komt.

Beide rollen worden voortreffelijk gespeeld. Hij is indringend, arrogant, ongenaakbaar, zelfvoldaan, vertrouwenwekkend, beheerst en zeer angstaanjagend. Zij is onaantastbaar en fragiel tegelijk, zakelijk, obsessief, mysterieus en aantrekkelijk.

Een zeer knappe, realistische en uiterst spannende serie die ook nu nog niet ten einde is, alhoewel nog niet vast staat of en wanneer het derde seizoen er komt. Gillian Anderson schijnt er zin in te hebben, maar het vraagteken komt van Jamie Dornan, die binnenkort door zou kunnen gaan breken met zijn hoofdrol in een film waar veel (vrouwen) naar uit kijken: Fifty Shades Of Grey.


The Affair


(1e seizoen, 10 afleveringen, 60 min, IMDb 8,0)

‘Happily married with kids’, dat is Noah. Hij is onderwijzer en bezig aan een tweede boek. Met het hele gezin gaan ze naar zijn steenrijke schoonouders die een groot huis aan de kust (Hamptons) hebben. Daar ontmoet hij Alison. “Why don’t you tell me how it began” hoor je iemand in een voice-over zeggen. Noah vertelt dus zijn verhaal, maar halverwege de aflevering verschijnt de naam Alison in beeld en krijgen we haar versie van het gebeurde te zien. We leren haar kennen en het leven met haar man dat overschaduwd wordt door een verschrikkelijke gebeurtenis. Ze werkt als serveerster in een restaurant waar zij hem, Noah, voor het eerst ontmoet. Ook al vechten ze er tegen, de aantrekkingskracht en lust tussen beiden is onvermijdelijk en Noah en Alison krijgen een affaire, die grote gevolgen heeft voor henzelf en de mensen om hen heen.

Deze serie is fantastisch, om meerdere redenen. Allereerst wordt het hele proces van de affaire met al die gevolgen van dien op zeer volwassen, intelligente en overtuigende manier in beeld gebracht. Daarnaast zijn alle personages heel goed uitgediept, waardoor er niet zo snel over goed en fout valt te praten. Speciaal is het feit dat het geheel van twee kanten wordt belicht. Zijn visie en de hare, die elke keer wat verschillen. Soms zijn die verschillen groot (het initiatief komt bijvoorbeeld opeens van de ander), soms klein (andere kleding of haar los). Daarbij leer je van beide kanten zaken die je vanuit één enkel perspectief nooit te weten was gekomen (zie ook The Disappearance Of Eleanor Rigby). Wat dit geheel dan nog extra speciaal maakt is het feit dat beiden de gebeurtenissen eigenlijk achteraf vertellen, en wel aan de man van de voice-over die ik noemde, wat een agent blijkt te zijn die onderzoek doet naar een ernstig delict dat is gepleegd. Het geeft het geheel een extra lading, maar je gaat je ook afvragen of de herinneringen wellicht met opzet verschillen van elkaar.

Het verhaal zit zeer goed in elkaar en gaat (in tijd en onderwerp) verder dan je zou verwachten, waardoor het nog volmaakter wordt. Oorzaak en gevolg. Daarbij zit het qua emoties vrij complex in elkaar en gaat het af en toe vrij diep. Het mysterie van de misdaad die gepleegd is speelt slechts op de achtergrond een rol, maar is wel van groot belang voor het geheel.

Aan de ene kant vind ik het jammer dat de serie niet binnen tien afleveringen wordt afgerond, aan de andere kant ben ik blij dat er een vervolg komt…

De serie is zeer goed ontvangen en er zijn Golden Globe nominaties voor de serie zelf en de hoofdrolspelers, Dominic West en Ruth Wilson (die de serie Luther wat extra smaak gaf en de reden is waarom ik The Affair ben gaan kijken). En als er een ‘best original song – tv series’ categorie bij die Globes zou zijn, dan had Fiona Apple met gemak kunnen winnen.

I was screaming into the canyon
At the moment of my death
The echo I created
Outlasted my last breath

My voice it made an avalanche
And buried a man I never knew
And when he died his widowed bride
Met your daddy and they made you

I have only one thing to do and that's
To be the wave that I am and then

Sink back into the ocean

dinsdag 23 december 2014

Blaudzun – Paradiso Amsterdam, 19 december 2014


Mijn eerste kennismaking met Blaudzun was via De Wereld Draait Door. Hij speelde het nummer Shout van Tears for Fears en de uitvoering door deze rare kwibus kwam me nogal geforceerd en pathetisch over. Geen reclame dus om zijn eigen werk eens uit te checken, waardoor het een flinke tijd heeft geduurd voordat ik er achter kwam dat ’s mans eigen werk wel degelijk de moeite waard is.


Precies op ons 25 jarig huwelijks jubileum staan we op de trappen van de poptempel waar we gisteren ook al waren. We zijn het tweede duo dat staat te wachten. Over een half uur gaan de deuren open en we willen een goede zitplek, dus komen we op tijd. We raken in gesprek met de dame en heer die Blaudzun al enkele malen eerder hebben gezien en wij geven toe dat we Blaudzun maagden zijn wat dat betreft. De verhalen die vooral de spraaklustige dame ons vertelt over de optredens in Paradiso beloven veel voor vanavond. Als om zeven uur de deuren open gaan staat er ondertussen al een flinke rij mensen achter ons, waarvan de meeste eerste binnenkomers direct een stoel op het balkon veroveren. Dus dat half uurtje in de kou was niet voor niets. Wat meteen opvalt is dat de zaal heel mooi ‘versiert’ is met vier grote kroonluchters en een enorme discobal die stil staat en waarop diverse kleuren licht weerkaatsen en de gehele ruimte voorzien van lichtpuntjes die je het gevoel geven in een sterrenstelsel te staan. De sfeer zit er direct goed in.


Het voorprogramma is een bandje genaamd The Indien. Ze maken sferische muziek die gestoeld is op muziek uit de jaren zestig (inclusief orgeltje), maar dan een modernere versie dus. Muzikaal is het niet aan mij besteed, maar wat heeft zangeres Rianne Walther een fantastische stem!


Blaudzun trapt af met Elephants. Het is een nummer dat als exemplarisch bestempeld kan worden. Gedreven, barok, bezield zonder overdrijving, gespeeld door een bont gezelschap met een keur aan instrumenten, waarbij die uit The Hangover ontsnapte wildeman op blote voeten het theatrale oog nog extra voedt. Het linkje met een band als Arcade Fire is natuurlijk snel gemaakt (erg letterlijk trouwens, als je toegift Halcyon naast No Cars Go legt), maar je kunt slechtere voorbeelden hebben en Johannes Sigmond weet over het algemeen genoeg eigen gezicht aan zijn werk te geven, dus wat zou het. Nou ja, wat het zou, dat hoort je straks dan, want ik ben positief gestemd met wat negatieve bijklanken. Positief ben ik over het feit dat hier een rasechte artiest staat met een goede band. Er zijn tal van nummers waar ik van geniet, zoals het nummer dat al dagen in mijn hoofd zit genaamd Promises Of No Man’s Land, maar ook Who Took The Wheel en Wasteland. Er zitten ook rustige, stille momenten in de show, zoals tijdens Solar en zeker als Johannes stiekem via de zijkant van het podium naar het midden van de zaal glipt en met een minigitaartje Wolf’s Behind The Glass speelt. Over het algemeen respecteert het publiek het moment van stilte en als iemand een opmerking maakt kan die een middelvinger van de bebaarde zanger krijgen. De eigenzinnige man laat immers niet met zich sollen, daagt het publiek uit (roept ‘schijterds’ als men niet hard genoeg meezingt) en ziet alles graag lopen hoe hij het wil (wel allemaal gaan staan!). Nu ben ik geen meeloper, blijf zitten als ik geen zin heb om te gaan staan en leg ondertussen toch wat zaken op een weegschaal. Zo is de act van ‘unplugged’ een liedje zingen in het midden van de zaal niet nieuw (zie bijvoorbeeld Patrick Watson) en merk ik tijdens het genieten van de muziek dat ik nergens zo wordt opgezweept als in de muzikale kerk bij Arcade Fire in hun begindagen. Ook valt me op dat Blaudzun een bepaald trucje iets te vaak toepast. Na het uitspelen van een nummer het nummer nog een keertje oppakken. Dat moet je niet te vaak doen.


Al met al is mijn vrouw heel enthousiast, ik iets minder, maar genoten hebben we allebei.

dEUS – Paradiso Amsterdam, 18 december 2014


Na een uur geeft de groep één toegift, Morticiachair. Het staat in schril contrast met de songs van hun laatste paar cd’s en geeft me een gevoel van weemoed. Maar ook een gevoel dat ik hier eigenlijk niets te zoeken had, helaas. Ik moet accepteren dat dingen veranderen, loslaten wat geen waarde meer voor me heeft, zodat ik overtollige ballast kan dumpen en plaats vrij maak voor dingen die me hier en nu boeien. Een wijze les. Ik schreef dit dik twee jaar geleden naar aanleiding van hun concert in People’s Place te Amsterdam. En nu sta ik weer hier, in Paradiso, alwaar de band zijn twintig jarig jubileum viert met de dubbel cd 'Selected Songs 1994-2014’ als leidraad voor hun 2e uitverkochte optreden in Amsterdam. Die leidraad, de setlist, is wat me heeft doen besluiten nog één keertje te gaan kijken naar deze band die in hun beginjaren zoveel voor me heeft betekend.


Tom heeft er in ieder geval zin in vanavond en opener Via geeft me goede moed. Het tempo wordt vastgehouden en via ‘wat recenter’ werk als The Architect en Constant Now is het voor het eerst lekker uit je dak gaan bij Instant Street, met dank aan Mauro Pawlowski die met wilde gitaarbewegingen Paradiso ophitst naar een eerste hoogtepunt. Daarna kunnen we heerlijk swingen op dat fantastische drumritme in Fell Off The Floor, Man. Nog wat nummers later gaat het gas terug, “de boog kan niet altijd gespannen zijn” laat Tom ons weten en worden we vergast op het bloedmooie Secret Hell dat ze (naar het schijnt – correct me if I’m wrong) sinds 1994 niet meer live hebben gespeeld. Kippenvel. Misschien trouwens een tip voor de band, als jullie een ‘vergeten’ nummer willen spelen, volgende keer graag één van de mooiste nummers uit jullie oeuvre dat nooit wordt gespeeld: Zea. Het valt me ondertussen op dat (bijna) het hele optreden lang de lichtshow beperkt blijft tot lampen die op het podium zelf staan. Het geeft een intieme sfeer, broeierig, nevelig. Dit wordt dan nog versterkt doordat ze voor deze rustige episode dicht bij elkaar gaan zitten. Mooi. Smokers Reflect en het heerlijke Little Arithmetics vervolmaken de trilogie van rust. Heerlijk opzwepend is verderop Sun Ra, stil makend het grandioze Hotellounge en laatste nummer Bad Timing weet die uitersten in één song samen te vatten.


‘We want more’. Want zo’n goede set smaakt naar meer en hoewel dEUS de wilde haren een beetje is verloren door de jaren heen komt de recalcitrante Tom met een peuk in zijn mond het podium op om samen met de anderen misschien wel dEUS’ coolste nummer in te zetten, Theme From Turnpike. Wel een beetje sneu om te zien dat er dan hier en daar zielepieten in het publiek zijn die er ook meteen een opsteken. Dat we het pand niet mogen verlaten voordat we For The Roses en Suds & Soda hebben gehoord moge duidelijk zijn. Dat dit laatste nummer een feestje van jewelste wordt is met name te danken aan Tom, die half Paradiso op het podium uitnodigt!

Tijd om de balans op te maken. Als ik My Sister Is My Clock even niet meereken, is er voor mij een duidelijke scheidingslijn te trekken na het album The Ideal Crash. Tot en met dat album is dat de dEUS waar ik heel veel van hou. Daarna wordt het beduidend minder. Niet zo gek, want Pocket Revolution betekende een nieuwe stap voor de band, die maar liefst drie leden moest vervangen. Eentje daarvan was Mauro Pawlowski, de niet in een hokje weg te zetten alleskunner, die ik persoonlijk nog heb meegemaakt toen hij spullen sleepte voor het Belgische bandje Nemo en zelf aan de weg timmerde met zijn Evil Superstars. Vanavond heeft dEUS elf nummers van die eerste drie albums gespeeld en negen van alles wat daarna kwam. Dat zegt toch iets.



Nu dacht ik een mooi cirkeltje te kunnen maken door terug te gaan naar de eerste keer dat ik dEUS heb gezien. Dat cirkeltje wordt iets anders dan gedacht, want het concert dat ik in Paradiso zag op 23 februari  1995 was niet de eerste keer. Dan blijk ik alsnog via Mauro en Nemo terecht te komen op 20 augustus 1994, toen zowel Nemo als dEUS op Waterpop te Wateringen speelde. Ik word oud…